João Ramos do Nascimento was een zeer bekende capoeirista uit Bahia. Hij zette zijn stempel op een tijdperk. Samen met mestre Cobrinha Verde nam hij een plaat op met liedjes en toques: ‘Capoeira de Bahia’.

Over de schoonheid en houding van zijn capoeira, schreef Jorge Amado (bekende Braziliaanse schrijver) in één van zijn publicaties:

"Traíra, um caboclo seco e de pouco falar, feito de músculos, grande mestre de capoeira. Vê-lo brincar é um verdadeiro prazer estético. Parece um bailarino e só mesmo Pastinha pode competir com ele na beleza de movimentos, na agilidade, na rigidez dos golpes. Quando Traíra não se encontra na escola de Waldemar, está, ali por perto na escola de Sete Molas, também na Liberdade".

Traíra was een eenvoudige jongen die weinig sprak; gespierd en een groot meester in de capoeira. Het is een streling voor het oog om hem te zien spelen. De beweging van een ballerina en alleen mestre Pastinha kan hem evenaren in de mooie bewegingen en harde slagen. Als je hem niet in de school van mestre Waldemar kan vinden is hij in de buurt van de school "Sete Molas", ook in de Vrijheidswijk. Hij wordt als een historische meester beschouwd, een echte capoeira-legende.