
      
Mestre Waldemar da Paixão begon
in 1936 op 20-jarige leeftijd met capoeira. Hij
trad in de leer bij Canário Pardo, Peripiri, Talabi,
Siri-de-Mangue en Ricardo de Ilha de Maré: "Eu
pedi a esses homens para me ensinar, para eu poder
ficar profissional. Pra eu dizer que sabia, e sei
mesmo. Aprendi capoeira!" "Ik
smeekte deze mannen om het mij te leren zodat ik
professioneel zou worden. Zo kan ik zeggen dat
ik Capoeira kan en dat kan ik ook. Ik leerde capoeira!"
Mestre Waldemar gaf zelf les in
1940, het jaar dat de eerste capoeira shows werden
gehouden op Estrada da Liberdade. Later bouwde
hij een gammele, slecht gebouwde, wankelende hut
uit stro en modder waar capoeiristas over heel
Bahia kwamen spelen. Mestre Waldemar's roda was
voor capoeiristas een belangrijk ontmoetingspunt.
Anderen belangrijke plaatsen waren:
Alto de Amaralina waar 's zondags de roda’s van
mestre Bimba's werden gehouden, de traditionele
Largo do Pelourinho waar mestre Pastinha's capoeira
plaatsvond en de Chame-Chame waar mestre Cobrinha
Verde roda's hield.
Mestre Waldemar zei eens dat sommige
capoeiristas in die tijd doorzetters, geslepen
en moedig waren (Valentao). Sommigen gebruikten
zelfs scheermesjes. Mestre Waldemar respecteerde
de wereld en was gekend als goed capoeirista, zanger
en componist. Kortom, een capoeira legende. |